Tags

,

hat2

Een promo-campagne voor Brussel . Ik denk dat de Brusselaar ( en bewust schrijf ik niet de BrusselaarS) het werk zal moeten doen. De hele wereld keek toe en net dan is het dat een stad zich profileert, in good days and bad days. Brusselaars zijn best weerbaar maar hebben moeite om te focussen. Ze leven per slot van rekening in een stad met zo al een identiteitscrisis, een stad die ze even erg in hun hart dragen als haten. Dat laatste wordt in de hand gewerkt door halfbakken politieke beslissingen. Wat een gemiste kans toch die voetgangersvlakte bij de Beurs. Willen maar niet Kunnen.

Er blijft evenwel niets over dan het beeld van Brussel zo dicht mogelijk bij de werkelijkheid te houden: maar eerder een hybride stad dan wel een halfslachtige. 

Hoe vertel je dat onze versie van de Eiffeltoren niet het Atomium is maar wel de bovenverdieping van een ordinaire parkeergarage midden in de stad. Daar heb je 360 graden panorama en af en toe zelfs een feestje. Dat je bus 41 moet nemen van de Heldenplaats in Ukkel om naar Transvaal te reizen. En what is in a name: onvergelijkbare zichten op het Terkamerenbos, de villa’s uit de jaren dertig, de Logis Floréal alvorens je bij metro-station Demey terug in de werkelijkheid gekatapulteerd wordt: een bus met norse gezichten in een betonvlakte. Maar je kruipt van zijn leven niet meer op zo’n city tourbus. Dan nog liever de lucht in. 

Moet je op de Avenue Louise zijn of de Guldenvlieslaan voor de mode , nou als je echt een classic wil dan ben je beter af in het giga-tweedehandscircuit: elke bedelaar kan hier black tie opereren. Alleen terroristen dragen camping smokings en vissershoedjes.

Hou op met te oreren dat je alleen in mediterrane havensteden op straat kan eten. Wat is een frietkraam anders dan ons antwoord op pizza, kebab en die modieuze tapa’s. Waar ter wereld verandert een slagerij overnight in een turfkantoor en troon je een bezoeker mee naar een gezellige nightclub om met een bouwput geconfronteerd te worden ( “yesterday it was still there, You know Brussels is a little bit of a warzone, Let’s go to the Archiduc at least thethat is a classified building although you never can tell…..).

De openbare vervoermaatschappij die over state of the art Bombardier-rijtuigen beschikt nodigt de reizigers al een halve eeuw uit om ‘ op te stappen’, er is onlangs een taxichauffeur gemolesteerd door collega’s omdat hij rechtstreeks van de luchthaven naar het hotel The Hotel gereden was en nog eens de koffers tot bij de ingang gedragen had en de Warmoesberg bij de Magdalenakerk is voor die zelfde chauffeurs onvindbaar tenzij u  de rue Montagen aux herbes potager bedoelde. Maar dat kan de pret hier niet derven.

Met onze Kärcher ( pardon carchère) spuiten wij de stoep clean tot net aan de goot omdat daar de openbare ruimte begint en die, ja die is niet van ons. Openbare ruimte dat is voor de hondendrollen, hangjongeren, fietsers, kauwgom, sigarettenpeuken, hoeren en dat dermate dat we onze auto eigenlijk liever op de stoep of in dubbele file parkeren, ja alles liever dan de goot.

Dat toeristen, buitenlanders en tunnel- en bridge people zo hoognodig ter hoogte van de Beurs op het asfalt willen kuieren: ze zoeken het zelf maar uit, maar eigenlijk horen daar auto’s.

U ziet dat Brussel everybody’s nightmare is om er een promofilm over te maken. Behalve voor Quentin Tarantino, David Lynch of Stepeh Frears. Maar we moeten ook niet overdrijven. 

Advertenties