Tags

,

Fantôme b
Maar luistert u vooral even

▶ KEITH JARRET – THE KOLN CONCERT, Part 1 – Vìdeo Dailymotion.

Keith Jarrett’s historische album The Köln concert werd op 24 januari 1975 opgenomen in de Keulense opera. Dat concert is op plaat en cd niet het best verkochte maar het best verkopende solo pianoconcert ooit: 3,5 miljoen exemplaren. De legende wil dat Jarrett dodelijk vermoeid en op een onchristelijk uur (middernacht) aan het concert begon; na een lange autorit, problemen met de piano en nogal onwillige obers in het restaurant waar hij ging souperen. Moe, misnoegd en uitgehongerd hamderde hij op een kaduke baby grand Bösendorfer en dat nog eens zonder partituur,fully improvised. Nooit waren de ingrediënten voor een meesterwerk zo schaars gebleken.

Jarrett zelf wil er liefst niks meer over horen. The Köln concert was hoogsten een jeugdzonde; als hij het kon zou hij elke opname vernietigen. De mythe rond dit eerder uitstekende dan wel memorabele concert was misschien wel een vroeg voorbeeld van virale marketing avant la lettre. Internet moest nog uitgevonden worden; eenmalig als het was waren er geen bootlegs en geen youtubefilmpjes. Als de waarheid nu eens was dat Jarrett er die avond in Keulen against all odds gewoon zin in had.

Jarrett was in de late herfst van 1974 op tournee in Europa met een reeks soloconcerten die al in 1971 van start waren gegaan. Sommige maar lang niet alle werden opgenomen. Jarrett was 29 en had met Miles Davis en andere grote namen opgetreden. Columbia records vernieuwde het contract met Jarrett niet. Die zetten alles in op Miles Davis en waren ietwat beducht voor een Jarrett die de improvisatietoer op ging en de mond vol had over soloconcerten. Daar was, volgens Columbia, zeker in de States geen markt voor. Jarrett had zijn eigen trio met Jack De Johnette en Gary Peacock maar was aan solo toe. De opnames van de Europese tournee vielen vreemd genoeg buiten zijn contract met Vortex Records ( later Atlantic). Ook die platenboer zagen er geen kaas in. Het toen opstartende en later legendarische ECM van Manfred Eicher nam Jarrett voor de tournee onder zijn hoede en copyright . Het was Eicher zelve die met Jarrett door Europa toerde in een Renault 5.. Impressario en artiest trokken weer eens met mekaar op. Elke andere dag een concert en tussendoor on the road.

Eicher was zelf eerst een contabaspeler en had Keith al eerder gehoord samen met Miles Davis en Jack De Johnette en Gary Peacock. Toen hij EMI startte was er correspondentie. Hij had eerdere opnames met Jan Garbarek opgestuurd en stilaan groeide de idee voor een solo concert. Eicher wou eigenlijk een variant van kamermuziek met jazz. De eerste opnames gebeurden in Bremen en Lausanne. Solo concerten van jazz musici waren toen in de vroege jaren zeventig nogal ongebruikelijk. Manfred Eicher was een hele klein speler op het muziekveld en hem maakte het niet meteen uit of een album inde hitlijsten terecht kwam. Hij had zich met een paar getrouwen omringd en deed eigenlijk alles met iedereen: scouting, opnames, grafisch ontwerp en distributie. Soulmates in jazz.

De concerttournee liep langs eerder kleine zalen. Op 23 januari waren Eicher en
jarrett in een feestzaal in Epalinges net buiten Lausanne voor vierhonderd man. In Keulen had de opera haast vier keer zoveel zitjes maar wel een uitstekende akoestiek. En er was een opname geregeld. Opnames van concerten was voor Eicher routine geworden. In Keulen zou net als op andere plekken gewoon met twee microfoons en een portable bandopnemer gewerkt worden.

Er waren vliegtuigtickets geregeld voor de transfer van Zurich naar Keulen. Een geval van Weidergutmachung want Jarreth had uitzonderlijk ingestemd om meteen de dag na het optreden in Epalinges in Keulen te spelen. De organisator had met veel moeite van de directie gedaan gekregen dat het operahuis voor het eerst ooit een jazzconcert zou laten gasteren. Vera Brandes had ondanks haar jonge leeftijd al meer jazzconcerten georganiseerd en was op zoek naar de beste en grootste zaal. Het enige time slot in de opera was vrijdagavond, half twaalf na de reguliere operavoorstelling.

Die dag in Januari 1975 vertrokken ze uit Zürich…. met Eicher’s auto. De vliegtuigtickets hadden ze ingeruild voor cash.

De rit naar Köln duurde weliswaar zes uur maar het was geen dodenrit. Bij aankomst, ‘s namiddags in Keulen, hadden ze rendez-vous met concert-organisator Vera Brandes in het hotel. Vera had haar broer ingehuurd om de artiest in de Rolls Royce van vader Brandes rond te rijden. Eerste halte was de opera. En daar wachtte een verrassing. Eicher had om een Bosendorfer Imperial gevraagd maar op scene stond een baby grand model dat doorgaans voor repetities en zeker niet voor concerten gebruikt werd. Gerekend met de grootte van de zaal (1400 zitplaatsen) was dat al weinig comfortabel maar het ding was allesbehalve speelklaar. Gammel was een understatement want noch de pedalen noch de zwarte toetsen gaven sjoege. Jarrett was even ontstemd als de piano en eiste dat de vleugel vervangen zou worden. Geen Imperial geen concert klonk het. Het concert was fully booked en Brandes zou het onderste uit de kan halen. Tegen de avond was er vervanging gevonden.

Vera Brandes was een enthousiaste meid van negentien alhoewel haar leeftijd in de kronieken rond het mythische concert altijd under age op zeventien gehouden wordt. Jarrett die toen overigens dertig was wordt ook steevast gepind op 29. Je hoeft geen bijbelexegeet te wezen om te vermoeden dat de hagiografen van de Köln-mythe niet vies waren van cosmetische ingrepen: alles wat het verhaal mooier maakt. De Renault 5 wordt overigens een Renault 4 (veel beroemder omdat je er net als in het lelijke eendje een boerin, een varken en vijf zakken, graan in kwijt kon bovenop de bestuurder). Dit geheel terzijde maar ook de Bösendorfer deelde in de make-up.

De vervangpiano,Vera voetstoot kwaadstoot door de stad gesjouwd worden ware het niet dat zo’n instrument niet onverzekerd (50.000 Euro) op transport kon. Een piano-stemmer zou de baby grand uiteindelijk weer aan de praat krijgen. Vera had gewoon iets beter moeten afspreken met de intendant en het personeel van de Opera. Natuurlijk hadden ze daar een Bösendorfer Imperial, was haar medegedeeld. Een beetje onwil was de opera-directie niet vreemd want er was die dag helemaal geen voorstelling en dus had het personeel de avond tevoren, na het ruimen van het opera-decor de weg van de minste weerstand bewandeld: de baby in plaats van de Imperial. Keith Jarrett heeft daar op de baby zitten bonken terwijl de grote piano gewoon onder het podium, in de kelder stond. Nu wil het toeval dat Jarrett als piano-wonderkind voor zijn achtste verjaardag een piano kreeg. En u mag drie keer raden welk soort piano. Jawel, een grand baby. Die kende de baby dus als zijn broekzak.

Wat hebben we al kortgesloten: dodelijk vermoeid, onchristelijk uur, baby. Over de obers in het Italiaanse restaurant kunnen we kort zijn. Jarrett kreeg zijn bord weliswaar laat maar hij had er geen zin meer in. Hij vond het niet lekker. Twee happen en wegwezen. Rest dus alleen nog fully improvised.

In het boek The Koln Concert van Peter Elsdon wordt de mythe van het improviseren redelijk ontkracht. Jarrett zat midden een tournee waarbij hij iedere avond variaties op een thema kon maken. Improvisatie is daarbij een groot woord. De toegift die hij speelt is zonder meer een duidelijk onderscheiden en bovendien bestaande en zelfs gepubliceerde partituur. Op de plaat en cd wordt die encore gewoon doorgenummerd. Na deel I en IIa, IIb wordt dat IIc. Gewoon dus de volgorde waarin de stukken uitgevoerd worden. Dat wekt de indruk dat het hele concert van a tot z ter plekke uitgevonden wordt. Keith Jarreth had de gewoonte om zijn concerten te beeindigen met bestaande composites en covers.

Geïmproviseerd of niet doet generlei afbreuk aan de magie van de uitvoering. Die is van een ongehoorde schoonheid. Jarrett staat recht, gaat zitten, humt tussendoor en beukt op die baby Bösendorfer want hij moet die 1432 toeschouwers allemaal inpakken tot tien balkons hoog, achterin. Hij kent de mogelijkheden en de manifeste onmogelijkheden van het vakkundig opgelapte instrument.

Elsdon kraakt de mythe maar lanceert in zijn boek dan weer een andere. Een geinige kleinigheid. Jarrett opent, volgens Elsdon het concert met een da capo van de beltoon waarmee het publiek te kennen gegeven wordt dat voorstelling begint: tadadadam.

In een gesprek met Don Hackman twijfelt Jarrett aan de bel-theorie maar hij zet de hele mythe rond het concert in zijn context: het was roeien met de riemen die hij had en hij zou ze daar in Keulen een poepje laten ruiken….. Something interesting happened. It just seemed like everybody in the audience was there for a tremendous experience, and that made my job easy. What happened with this piano was that I was forced to play in what was — at the time — a new way. Somehow I felt I had to bring out whatever qualities this instrument had.
And that was it. My sense was, “I have to do this. I’m doing it. I don’t care what the f*** the piano sounds like. I’m doing it.” And I did.

eroeffnung_oper

Advertenties